Landelijk – Eén op de 10 ondervraagden overweegt om bij het vervangen van de voor- of achterdeursloten te kiezen voor een slim slot, zo blijkt uit onderzoek*) dat de stichting Nationale Inbraakpreventie (NIPW) heeft uitgevoerd. Het grote voordeel hiervan is dat de deur automatisch op slot gaat zodra hij dicht valt. In de praktijk blijkt nogal eens dat mensen de voordeur achter zich dicht laten vallen, zonder hem op slot te doen. Hoofdbewoners sluiten de deur in 73% van de gevallen netjes af, maar partners (55%) en kinderen (23%) vergeten het vaak. Met een slim slot kun je niet meer vergeten de deur op slot te doen, want dat gaat vanzelf. Bovendien heb je geen sleutel meer nodig. De deur kan weer van het slot worden gedaan via de smartphone of een pincode.

Twijfels onterecht
Toch betwijfelt 60% van de ondervraagden of een slim slot voor hen een goed idee is. Een van de grootste bezwaren wordt gezien in het feit dat dit soort sloten makkelijk te hacken zou zijn en dat criminelen dan juist makkelijker een woning binnen kunnen komen. Coen Staal, voorzitter van de stichting NIPW zegt hierover: “De beveiliging van slimme sloten is vergelijkbaar met die van internetbankieren; zo’n slot is dus niet eenvoudig te hacken. Het hacken kost bovendien veel tijd, wat de gemiddelde inbreker niet heeft..” Een ander belangrijk argument om een ‘ouderwetse’ sleutel te blijven gebruiken is dat slimme sloten niet zouden werken bij stroomuitval of andere storingen. Staal zet daar tegenover: “Bijna alle slimme sloten hebben hun eigen energiebron, vaak een oplaadbare batterij, dus ook dat argument kan van tafel. Bovendien is het slot ook altijd nog te openen met een mechanische sleutel”.

Blijft over dat een slim slot heel gemakkelijk is: je deur is altijd op slot. En als je bijvoorbeeld met twee zware boodschappentassen aan komt lopen kan hij de voordeur zo voor je opendraaien; hoe handig is dat!

Over de stichting Nationale Inbraak Preventie
De stichting Nationale Inbraak Preventie is een publiek-private samenwerking met als doel woningbezitters meer bewust te maken van goede inbraakpreventie, om daardoor bij te dragen aan het substantieel verlagen van het aantal inbra­ken en inbraakpogingen. Werd in 2012 bijna 92.000 keer ingebroken of een poging daartoe gedaan, in 2021 was dit gedaald tot onder de 23.500. De stichting organiseert tweemaal per jaar de Nationale Inbraakpreventie Weken, in mei/juni en november/ december. Partners in de stichting zijn de bedrijven Nemef en Yale. Kijk voor meer informatie over o.a. inbraakmethoden en inbraakpreventie op www.inbraakmislukt.nl.